Hoe te handelen bij schade


Elke vorm van schade kan in FRS gemeld worden!

            Schaderegeling en wildschade voorkoming en bestrijding


Faunaschade

Wanneer diersoorten schade veroorzaken aan gewassen spreekt men van faunaschade. Schade aan gewassen kan in veel gevallen worden beperkt en soms worden voorkomen. Zo zijn er verschillende maatregelen te nemen om schade te beperken. Wanneer er voldoende maatregelen genomen zijn om schade te voorkomen of beperken kan men in aanmerking komen voor schadevergoeding. Hier moet een duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen economische landbouwschade, met de daarbij behorende procedure en de particuliere schade en de daarbij behorende meldingsmogelijkheden.

Wat te doen bij schade

De grondgebruiker is in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor het voorkomen en beperken van belangrijke schade. Dit kan hij doen door het treffen van preventieve maatregelen. Lukt dit niet, dan kan de grondgebruiker bij de FBE een ontheffing vragen om de schadeveroorzakende diersoort te bestrijden.

Belangrijkste stappen en eisen om in aanmerking te komen voor schadevergoeding

-  Oriënteer u tijdig op de mogelijke schadeveroorzakers in relatie tot de gewassen in uw
   teeltplan;
-  Zoek met welke ontheffingen op voorhand aan de
   Faunabeheereenheid zijn verleend en voor welke periode;
-  Vraag tijdig een aanvullende ontheffing aan wanneer de benodigde ontheffing op
   voorhand niet aanwezig is.
   Houdt u rekening met een aanvraagperiode van 4 weken!


Wanneer er een ontheffing op voorhand wel aanwezig is

-  Plaats tenminste twee preventieve maatregelen voor het verjagen van
   schadeveroorzakende diersoorten;
-  Vraag via jachtaktehouder en Wildbeheereenheid een machtiging aan voor het uitvoeren
   van de aan de Faunabeheereenheid verleende ontheffing;
-  Meld de schade binnen 7 dagen na het ontstaan bij het Faunafonds;
-  Vraag bij de taxateur naar de "bevestiging taxatie grondgebruiker” en controleer de
   bevindingen;
-  Meld tijdig (ca 14 dagen vooraf) bij het Faunafonds wanneer u voornemens bent te
   oogsten.
-  Houd de bezwarenperiodes goed in de gaten en zorg dat u op tijd bent!

Men kan preventieve maatregelen nemen zoals het plaatsen van o.a. poppen of het plaatsten van een gaskanon. Het toepassen van deze middelen is niet altijd toegestaan of effectief.


Formulieren

Aanvraagformulieren aanvullende ontheffingen
De Faunabeheereenheid vraagt op basis van het goedgekeurde faunabeheerplan ontheffing op voorhand aan. Deze ontheffingen kunnen worden ingezet om schade aan de in de Flora en faunawet genoemde belangen te voorkomen.
Dit kunnen ontheffingen zijn voor het verjagen of verontrusten van dieren, het wegnemen van nest- en broedgelegenheden, het vangen en verplaatsen van dieren of in het uiterste geval het doden van dieren.
Voor situaties die niet op basis van een vrijstelling/ aanwijzing of ontheffing op voorhand kunnen worden opgelost dient u aanvullende ontheffing aan te vragen.
In Noord-Brabant zijn er twee type aanvraagformulieren.
Het formulier schade aan gewassen en het formulier overige belangen.
Deze formulieren dient u volledig ingevuld aan de Faunabeheereenheid toe te zenden.
Zij verzorgen voor u de verdere afhandeling met de provincie.

Schademeldformulier


Handreiking faunaschade

Per oktober 2009 heeft het Faunafonds de Handreiking Faunaschade uitgebracht. In de Handreiking worden de verschillende preventieve middelen beschreven en de werking toegelicht. Aan bod komen onder andere visuele en akoestische middelen zoals vogelverschrikkers en knalapparaten, het gebruik van geur- en smaakstoffen, afscherming door bijvoorbeeld rasters en het gebruik van vang- en bestrijdingsmiddelen. Daarnaast informeert de Handreiking grondgebruikers over welke faunaschade in welke gewassen mogelijk te verwachten zijn en wordt de wetgeving en het beleid ten aanzien van schade veroorzaakt door beschermde inheemse diersoorten uiteengezet.

De Handreiking Faunaschade is de opvolger van het Handboek Faunaschade, die in 2002 door het Faunafonds is uitgebracht. Wijzigingen in regelgeving, beleid, maar ook veranderde inzichten in de effectiviteit en praktische uitvoerbaarheid van te treffen maatregelen zijn voor het Faunafonds aanleiding geweest een nieuwe Handreiking uit te brengen.
Een gedrukt exemplaar van de Handreiking Faunaschade is bij het Faunafonds te bestellen.

Veelgestelde vragen aan het Faunafonds

Wanneer moet ik een ontheffing aanvragen?

Indien schade (deels) wordt aangericht door diersoorten waarvoor de provincie of faunabeheereenheid (FBE) een ontheffing en/of machtiging voor vrijstelling voor aan verjaging ondersteunend afschot kan worden verleend, dient deze altijd te worden aangevraagd (en gebruikt). Het aanvragen van de ontheffing dient uiterlijk op de dag waarop de schade wordt geconstateerd te gebeuren, maar kan veelal ook op voorhand (bij jaarlijks terugkomende diersoorten/schade) worden aangevraagd. Wordt er geen of te laat een ontheffing aangevraagd komt u niet in aanmerking voor een tegemoetkoming.


Waar moet ik een ontheffing aanvragen?

Een ontheffing (of machtiging voor het gebruik van ontheffing of vrijstelling) voor aan verjaging ondersteunend afschot kan worden aangevraagd bij provincie of de faunabeheereenheid zie voor contactgegevens het tabblad "links” op deze website.

Wat te doen als de ontheffing niet meer geldig is?

Indien de periode dat de ontheffing geldig is verloopt, kan indien de betreffende diersoort nog steeds schade aanricht een nieuwe ontheffing worden aangevraagd. Neem hierover tijdig contact op met provincie of FBE.

Het quotum van de ontheffing is 'volgeschoten', wat nu?

Bepaalde ontheffingen die in het kader van populatiebeheer zijn verstrekt zijn gequoteerd. Dit wil zeggen dat op basis van die ontheffing een gelimiteerd aantal dieren mag worden geschoten. Dit kan bijvoorbeeld bij reewildbeheer het geval zijn. Daarbij worden lootjes verdeeld om te voorkomen dat de populatie wordt overbeheerd. Treedt er echter schade op door die diersoort terwijl het quotum is bereikt, dan kan bij de provincie (of FBE) een ontheffing worden aangevraagd voor aan verjaging ondersteunend afschot ter beperking van de schade.

Ik heb faunaschade, kan er direct iemand komt taxeren?

Een taxateur komt pas langs nadat hij daarvoor opdracht van het Faunafonds heeft gekregen. Een opdracht kan alleen worden verstrekt na ontvangst van een volledig ingevuld (en van benodigde bijlagen voorzien) verzoekschrift. Het Faunafonds streeft ernaar een dag na ontvangst van een (gehonoreerd) verzoekschrift, de taxatieopdracht bij het taxatiebureau te hebben.
In bepaalde gevallen kan, na contact met het secretariaat van het Faunafonds, een spoedtaxatie (binnen 24 uur) worden verricht. In dergelijke gevallen kan een verzoekschrift vast per fax (of mail) worden ingediend, zodat in overleg met het taxatiebureau kan worden bezien of er nog voor de oogst een taxateur ter plaatse kan zijn. Een spoedtaxatie wordt in de regel alleen verstrekt als er sprake is van een aanzienlijke, net voor de geplande oogst opgetreden schade.

Ik wil het gewas nu oogsten, kan de schade daarna nog worden vastgesteld?

De schade wordt vastgesteld in te velde staand gewas. Indien het gewas is geoogst kan de schade (oorzaak en omvang) niet worden vastgesteld. Als een gewas gedeeltelijk is geoogst kan alleen de schade in het niet geoogste deel worden vastgesteld.
Hoe weet ik of mijn verzoekschrift bij het Faunafonds is aangekomen?
Zodra een verzoekschrift door het Faunafonds is ontvangen ontvangt u daarvan een bevestiging. Indien uw verzoekschrift niet compleet is wordt in de ontvangstbevestiging aangegeven welke aanvullende gegevens u moet leveren voordat een eventuele taxatieopdracht kan worden verstrekt.

Ik heb de schade via het verzoekschrift bij het Faunafonds gemeld, wat nu?

Indien het verzoekschrift compleet is en voldoet aan de vooraf te toetsen voorwaarden waar aan moet worden voldaan om voor een tegemoetkoming in aanmerking te komen, verstrekt het Faunafonds de opdracht om de schade vast te stellen richting een taxatiebureau. Vervolgens komt een taxateur van dat bureau de hoogte van de schade vaststellen. In beginsel neemt de taxateur binnen 7 werkdagen nadat hij de taxatieopdracht heeft ontvangen contact met u op.

Ik heb een verzoekschrift ingediend, maar nog steeds geen geld ontvangen?

De taxateur volgt de schade vanaf het moment van ontvangst van het verzoekschrift tot aan de oogst. Zo kort mogelijk voor de oogst wordt de schade afgetaxeerd. De taxateur stelt hiervan een taxatierapport op die via het taxatiebureau naar het Faunafonds wordt gestuurd. Als het taxatierapport door het Faunafonds is ontvangen wordt bezien of het dossier op basis van de aanwezige informatie kan worden beoordeeld, of dat de grondgebruiker middels een rapportageformulier schadebestrijding om aanvullende informatie moet worden gevraagd. Het Faunafonds streeft ernaar om binnen zes weken na ontvangst van het complete dossier de beschikking te versturen en (indien van toepassing) de tegemoetkoming overgemaakt te hebben.

Er is een taxateur langs geweest en er is afgetaxeerd, maar ik ben het er niet mee eens?

De taxateur heeft de opdracht om na aftaxatie een bevestiging van de taxatie met daarop de omvang van de faunaschade (afhankelijk van het gewas uitgedrukt in kilogrammen, stuks, centimeters grasverlies en/of schadepercentages) op het bedrijf achter te laten of zo snel mogelijk op te sturen. Indien u het niet eens bent met de bevindingen die de taxateur daarop beschreven heeft, neem dan in 1e instantie contact op met de taxateur. Indien u zich niet kunt vinden in de toelichting van de taxateur kunt u binnen 8 dagen na ontvangst van de bevestiging van de taxatie uw bedenkingen tegen de taxatie schriftelijk kenbaar maken bij het Faunafonds. Geef hierin duidelijk aan op welk(e) punt(en) en waarom u het niet met de taxatie eens bent. Het Faunafonds legt uw bedenkingen vervolgens voor aan het taxatiebureau met het verzoek daarop te reageren. Van het Faunafonds ontvangt u vervolgens een schriftelijke reactie op uw bedenkingen.

Ik heb een beslissing (beschikking) op mijn verzoekschrift ontvangen, maar ben het er niet mee eens?

Als iemand het niet eens is met de beslissing van het Faunafonds, dan kan hij binnen zes weken na dagtekening van de betreffende brief, schriftelijk bezwaar indienen bij het Bestuur van het Faunafonds. Het bezwaarschrift moet de redenen bevatten en ondertekend zijn. Uiteraard kan daaraan vooraf ook (telefonisch of per mail) contact worden opgenomen met het secretariaat van het Faunafonds voor een toelichting op de beschikking.

Ik heb een bezwaarschrift ingediend, maar niets meer gehoord?

Een kopie van het bezwaarschrift met bijlagen wordt altijd gezonden aan de afdeling Recht en Rechtsbescherming van de Directie Regelingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Deze afdeling adviseert het bestuur over de op het bezwaarschrift te nemen beslissing. Van Recht en Rechtsbescherming ontvangen u een uitnodiging om het bezwaar toe te lichten. De behandeltermijn kan enkele maanden bedragen.

Ik heb last van schade door dassen, kom ik in aanmerking voor een dassengedoog-overeenkomst?

Indien op of binnen 25 meter van een perceel een dassenburcht aanwezig is en u last heeft van schade door dassen, is het mogelijk een dassengedoogovereenkomst met het Faunafonds af te sluiten. In een dergelijke overeenkomst wordt een bedrag bepaald dat u jaarlijks, voor de duur van de overeenkomst, ontvangt voor het gedogen van de burcht(en) en ter vergoeding van de door de dassen veroorzaakte schade. Een overeenkomst wordt alleen afgesloten indien zowel u als de consulent van het Faunafonds daar noodzaak toe zien. Indien u schade door dassen ondervindt kunt u dit via het (reguliere) verzoekschrift bij het Faunafonds melden. De consulent kan vervolgens tijdens het bedrijfsbezoek met u kijken of er een overeenkomst kan worden afgesloten.

Hoe zit het met de toepassing van 120 kg/ds of 150 kg/ds in de eerste snede gras?

In de berekening van schade in de 1e snede gras wordt bij taxaties voor een tegemoetkoming van het Faunafonds uitgegaan van een opbrengst van 150 kilogram droge stof per centimeter grasverlies per hectare. De werkelijke voedingswaarde van 1 centimeter gras komt overeen met 120 kilogram droge stof. De extra 30 kilogram droge stof is in de berekening opgenomen ter compensatie van de achteruitgang van de kwaliteit van de grasmat en een eventuele onkruidbestrijding.
Bij taxaties in het kader van de ganzenopvangregeling voor vaststelling van de variabele vergoeding wordt wel gerekend met de 120 kilogram droge stof. Het deel voor de kwaliteitsachteruitgang van de grasmat en onkruidbestrijding is hierbij opgenomen in het vaste deel van de beheervergoeding.
De overcompensatie van 30 kilogram droge stof is ook bedoeld als de (over meerdere jaren aan te vullen) ‘spaarpot’ waaruit de kosten voor doorzaai en herinzaai dienen te worden gecompenseerd. Alleen bij hoge uitzondering en na goedkeuring door het Faunafonds kan in extreme gevallen doorzaai of eventueel herinzaai tegen de normvergoeding worden vergoed.